ECLI:NL:HR:2011:BQ3031
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep in strafzaak door Hoge Raad
Op 29 april 2011 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep van verdachte verworpen in een strafzaak tegen hem. Het beroep was ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 2 juli 2009. De raadsheren oordeelden dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De verdachte werd bijgestaan door advocaten mr. J. Goudswaard en mr. I. van Straalen. De Advocaat-Generaal Vegter had geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad wees het arrest uit in aanwezigheid van de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, met een waarnemend griffier.
Deze uitspraak bevestigt het oordeel van het hof en sluit het cassatieproces af zonder inhoudelijke bespreking van de gronden van het beroep. Het arrest is daarmee een formele verwerping van het cassatieberoep.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen door de Hoge Raad.