ECLI:NL:HR:2011:BQ2133
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatie tegen uitspraak voorlopige aanslag inkomstenbelasting
In deze zaak heeft X te Z beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank te ’s-Gravenhage van 7 september 2010, waarin een geschil over een voorlopige aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen werd behandeld.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van X beoordeeld en het beroep afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro de Wet op de Raad van State (RO), wat inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard of niet-ontvankelijk is verklaard zonder inhoudelijke behandeling.
Deze beslissing betekent dat de Hoge Raad geen inhoudelijke uitspraak heeft gedaan over de materiële belastingrechtelijke kwesties, maar het cassatieberoep heeft afgewezen op procedurele gronden. De uitspraak bevestigt daarmee de uitspraak van de rechtbank en laat de voorlopige aanslag in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep is afgewezen met toepassing van artikel 81 RO, waardoor de uitspraak van de rechtbank en de voorlopige aanslag in stand blijven.