ECLI:NL:HR:2011:BP5620
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- Rechtspraak.nl
Schending beginsel hoor en wederhoor door onjuiste oproeping op fout adres
In deze zaak heeft DHL St. Maarten N.V. bij het Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen een verzoek ingediend tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerster]. De oproepingen voor de zittingen zijn verzonden naar een adres dat onjuist in de bevolkingsadministratie stond vermeld door een administratieve fout. Hierdoor is [verweerster] niet verschenen en is de zaak behandeld zonder haar aanwezigheid.
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft het beroep van [verweerster] op schending van het beginsel van hoor en wederhoor gehonoreerd en de beschikking van het Gerecht in Eerste Aanleg vernietigd. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat een oproeping op een fout adres, die niet aan de verweerder kan worden toegerekend, niet als behoorlijke oproeping kan worden beschouwd.
De Hoge Raad benadrukt het fundamentele belang van het beginsel van hoor en wederhoor en wijst erop dat dit niet kan worden vervangen door een schadevergoedingsactie. Het recht op hoor en wederhoor moet kunnen worden uitgeoefend, en indien dit niet mogelijk is door een administratieve fout, is sprake van schending van dit beginsel en kan het rechtsmiddelenverbod worden doorbroken.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat oproeping op een fout adres leidt tot schending van het beginsel van hoor en wederhoor en wijst het cassatieberoep van DHL af.