ECLI:NL:HR:2011:BP4805
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep inzake ontvankelijkheid verzoek tot boedelbeschrijving en ontslag executeur
In deze zaak stond de ontvankelijkheid van een verzoek tot het bevelen van een boedelbeschrijving op grond van artikel 672 Rv Pro centraal, evenals de vraag of het ontslag van een executeur op grond van artikel 4:149 lid 1 onder Pro f en lid 2 BW terecht was. Het geschil betrof tevens de vraag of het hoger beroep tegen een eindbeschikking tijdig was ingesteld en de rechtskracht van een eerdere beschikking op grond van artikel 672 Rv Pro.
De procedure omvatte meerdere beschikkingen van de kantonrechter te Amsterdam tussen 2007 en 2009 en een beschikking van het gerechtshof te Amsterdam in 2010. Tegen deze beschikking stelde verzoekster beroep in cassatie in, terwijl verweerders geen verweerschrift indienden.
De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet noodzakelijk was, aangezien de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom werd het cassatieberoep verworpen en bleef de beschikking van het gerechtshof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van het gerechtshof blijft in stand.