ECLI:NL:HR:2011:BP4787
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- P.M.F. van Loon
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing in zaak navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2002
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2002 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd, die na bezwaar en beroep bij rechtbank en hof werd gehandhaafd. Belanghebbende stelde in hoger beroep bij de Hoge Raad dat het hof ten onrechte een stelling over ambtelijk verzuim onbehandeld had gelaten.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof deze stelling had moeten behandelen omdat het ging om een feit als bedoeld in artikel 16, lid 1, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. De overige klachten van belanghebbende werden niet ontvankelijk verklaard omdat zij geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de kosten van belanghebbendes rechtsbijstand in cassatie.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak en verwijst zaak naar hof Amsterdam voor verdere behandeling.