ECLI:NL:HR:2011:BP2745
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest Hof Amsterdam wegens onvoldoende motivering strafoplegging bij drugskoerier
De zaak betreft een verdachte die werd veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van 4,7 kilogram cocaïne, bestemd voor verdere verspreiding. De verdachte voerde aan dat hij door financiële problemen en persoonlijke omstandigheden als 'pakezel' moest worden aangemerkt, een categorie drugskoeriers die buiten hun schuld in armoede verkeren.
De verdediging stelde dat dit een verzachtende omstandigheid was die tot een lagere straf zou moeten leiden. Het Hof Amsterdam bevestigde echter de straf van 37 maanden gevangenisstraf en wees af af te wijken van de LOVS-oriëntatiepunten voor drugskoeriers, waarbij het onvoldoende gemotiveerd heeft waarom het afweek van het standpunt van de verdediging.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof in strijd met artikel 359, tweede lid, Wetboek van Strafvordering niet in het bijzonder de redenen voor de afwijking van het onderbouwde standpunt van de verdediging heeft gegeven, wat leidt tot nietigheid van dat deel van het arrest. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en wijst de zaak terug naar het Hof Amsterdam voor hernieuwde berechting van de strafoplegging.
Uitkomst: Het arrest van het Hof Amsterdam wordt vernietigd voor wat betreft de strafoplegging en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.