ECLI:NL:HR:2011:BP2655

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 februari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/03293 H
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Herziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 457 SvArt. 459 SvWet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM)
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing aanvrage tot herziening wegens ontbreken nieuwe bewijsstukken

De zaak betreft een aanvrage tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan vonnis van de kantonrechter te 's-Gravenhage, waarbij de aanvrager was veroordeeld wegens het niet sluiten en in stand houden van een verplichte motorrijtuigverzekering op 2 februari 2008.

De aanvrage tot herziening werd ingediend met verklaringen van ASR Verzekeringen, waarin werd gesteld dat op bepaalde data een verzekering van kracht was voor motorrijtuigen van de aanvrager. Echter, deze verklaringen betroffen niet het motorrijtuig en de datum waarop het strafbare feit was gepleegd.

De Hoge Raad beoordeelde dat de aanvrage slechts kan slagen indien nieuwe feiten of bewijsmiddelen worden aangedragen die het ernstig vermoeden wekken dat het onderzoek tot een vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging of een minder zware straf zou hebben geleid. De overgelegde verklaringen voldeden hier niet aan.

Daarom werd geconcludeerd dat de aanvrage kennelijk ongegrond was en werd deze afgewezen. De uitspraak bevestigt de strikte criteria voor het toekennen van herziening in strafzaken.

Uitkomst: De Hoge Raad wijst de aanvrage tot herziening af wegens het ontbreken van nieuwe, relevante feiten.

Uitspraak

1 februari 2011
Strafkamer
nr. 10/03293 H
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op een aanvrage tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan vonnis van de Kantonrechter in de Rechtbank te 's-Gravenhage van 25 november 2009, nummer 09/727155-08, ingediend door:
[Aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962, wonende te [woonplaats].
1. De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
De Kantonrechter heeft de aanvrager ter zake van "als degene aan wie het kenteken is opgegeven voor een motorrijtuig waarvoor een kentekenbewijs is afgegeven niet een verzekering overeenkomstig de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) sluiten en in stand houden", gepleegd op 2 februari 2008 met het motorvoertuig voorzien van het kenteken [AA-00-BB], veroordeeld tot twee weken hechtenis met ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen
te besturen voor de duur van zes maanden.
2. De aanvrage tot herziening
De aanvrage tot herziening is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3. Beoordeling van de aanvrage
3.1. Als grondslag voor een herziening kunnen, voor zover hier van belang, krachtens het eerste lid, aanhef en onder 2° van art. 457 Sv Pro slechts dienen een of meer door een opgave van bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden van feitelijke aard die bij het onderzoek op de terechtzitting niet zijn gebleken en die het ernstig vermoeden wekken dat, waren zij bekend geweest, het onderzoek der zaak zou hebben geleid hetzij tot vrijspraak van de veroordeelde, hetzij tot ontslag van rechtsvervolging, hetzij tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie, hetzij tot toepasselijkverklaring van een minder zware strafbepaling.
3.2. Art. 459 Sv Pro schrijft voor dat de aanvrage tot herziening inhoudt de omstandigheid als hiervoor bedoeld, waarop zij steunt, en verder een opgave bevat van de bewijsmiddelen waaruit van die omstandigheid kan blijken.
3.3. Bij de aanvrage zijn in afschrift verklaringen gevoegd die het volgende inhouden:
- "Ter voldoening aan het gestelde in artikel 34, lid 2, van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) verklaart
(...) ASR Verzekeringen
(...) hierbij dat op (...) 2 februari 2008
voor het motorrijtuig voorzien van het kenteken:
[CC-00-DD]
van: [aanvrager]
een verzekering van kracht was welke aan de op die datum door of krachtens de WAM gestelde eisen voldeed, (...)
28 juni 2010"
- "Ter voldoening aan het gestelde in artikel 34, lid 2, van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) verklaart
(...) ASR Verzekeringen
(...) hierbij dat op (...) 21 mei 2008
voor het motorrijtuig voorzien van het kenteken:
[AA-00-BB]
van: [aanvrager]
een verzekering van kracht was welke aan de op die datum door of krachtens de WAM gestelde eisen voldeed, (...)
15 oktober 2009"
3.4. De verklaring van 28 juni 2010 van ASR Verzekeringen heeft geen betrekking op een motorrijtuig met het kenteken [AA-00-BB], terwijl de verklaring van 15 oktober 2009 wel die auto betreft maar niet de pleegdatum 2 februari 2008. Die verklaringen bieden derhalve geen steun aan de stelling waarop de aanvrage berust.
3.5. Uit het vorenoverwogene vloeit voort dat de aanvrage kennelijk ongegrond is, zodat als volgt moet worden beslist.
4. Beslissing
De Hoge Raad wijst de aanvrage tot herziening af.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 1 februari 2011.