ECLI:NL:HR:2011:BP1377
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging wegens onvoldoende motivering in vermogensdelictenzaak
De verdachte werd door de rechtbank en het hof veroordeeld voor meerdere aankopen van goederen met het oogmerk om deze niet volledig te betalen, wat strafbare feiten van vermogensdelicten betreft. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 36 maanden op, waarbij zij ook rekening hield met 49 ad informandum gevoegde feiten waarvoor geen afzonderlijke vervolging plaatsvond.
Het hof bevestigde de bewezenverklaring en verhoogde de straf tot 45 maanden gevangenisstraf. Het hof motiveerde de strafoplegging door te wijzen op de ernst van de feiten, de eerdere veroordelingen van de verdachte, de ondermijning van het vertrouwen in het handelsverkeer, de grote schaal van de feiten, de schade aan benadeelden en het financiële motief van de verdachte.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd of en in welke mate het de ad informandum gevoegde feiten heeft meegewogen bij de strafbepaling. Hierdoor is de strafoplegging ontoereikend gemotiveerd. De Hoge Raad vernietigde daarom het deel van het arrest dat de strafoplegging betreft en verwees de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting, terwijl het beroep voor het overige werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging wegens onvoldoende motivering en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting.