ECLI:NL:HR:2011:BO9548
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wijziging ouderlijk gezag volgens artikel 1:253c BW
In deze zaak stond een verzoek tot wijziging van het ouderlijk gezag centraal, ingediend door de moeder. De rechtbank Utrecht en het gerechtshof Amsterdam hadden eerder beslissingen genomen over dit verzoek. De moeder stelde beroep in cassatie in tegen de beschikking van het gerechtshof.
De vader verzocht de moeder niet-ontvankelijk te verklaren in het cassatieberoep dan wel het beroep te verwerpen. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van de moeder onderzocht en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden.
Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering was geen nadere motivering vereist omdat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaakten. De Hoge Raad heeft daarop het beroep verworpen en de beschikking van het gerechtshof gehandhaafd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen en de beschikking van het gerechtshof gehandhaafd.