ECLI:NL:HR:2011:BN0646
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over overdrachtsbelasting bij levering van terrein met voorgenomen sloop
De zaak betreft een geschil over de toepassing van de vrijstelling van overdrachtsbelasting bij de verkrijging van een onroerende zaak waarop de verkoper al was begonnen met de sloop van een bestaand gebouw. De Hoge Raad verwijst naar een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie waarin is vastgesteld dat de levering van een terrein met een oud gebouw dat gesloopt moet worden, waarbij de sloop al is begonnen, niet onder de vrijstelling van omzetbelasting valt. Dit arrest heeft gevolgen voor de toepassing van de vrijstelling van overdrachtsbelasting in de Nederlandse wetgeving.
Het Hof Amsterdam had geoordeeld dat de vrijstelling niet van toepassing was omdat de sloop voorafgaand aan de levering slechts een ondergeschikte wijziging betrof en het terrein niet onbebouwd was. De Hoge Raad stelt dat dit oordeel onjuist is omdat de beoordeling moet uitgaan van de staat en omstandigheden waarin het terrein uiteindelijk is opgeleverd na de sloop.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor een nadere beoordeling, waarbij partijen in de gelegenheid worden gesteld hun standpunten aan te vullen. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten van het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling van de overdrachtsbelasting bij levering van een terrein met voorgenomen sloop.