ECLI:NL:HR:2010:BO7686

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/02639
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad behandelt cassatieberoep inzake verzet tegen successieaanslag

In deze zaak heeft de enige erfgename van de overledene, aangeduid als X te Z, beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank te ’s Gravenhage. De rechtbank had op 20 mei 2010 uitspraak gedaan in een verzetprocedure tegen een aanslag in het recht van successie.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep behandeld en afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (RO). Dit artikel betreft de niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep indien het niet voldoet aan bepaalde formele vereisten.

De zaak betreft een geschil over de aanslag successierecht, waarbij de erfgename bezwaar maakte tegen de aanslag en vervolgens verzet instelde tegen de uitspraak van de rechtbank. Het cassatieberoep richtte zich tegen deze uitspraak, maar is door de Hoge Raad niet inhoudelijk behandeld vanwege formele redenen.

De uitspraak van de Hoge Raad bevestigt daarmee de eerdere beslissing van de rechtbank en maakt een einde aan de procedure in cassatie. De zaak betreft daarmee een belangrijke illustratie van de toepassing van artikel 81 RO Pro in bestuursrechtelijke belastingzaken.

Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.

Uitspraak

gewezen op het beroep in cassatie ingediend door X te Z (enig erfgename van A) tegen de uitspraak van de Rechtbank te ’s Gravenhage van 20 mei 2010, nr. AWB 09/217 SCHENR V, op het verzet van belanghebbende tegen na te melden uitspraak van de Rechtbank betreffende een aanslag in het recht van successie.