ECLI:NL:HR:2010:BO3559
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid verzoek tot wijziging kinderalimentatie en grenzen rechtsstrijd in hoger beroep
Partijen zijn gehuwd geweest en hebben twee kinderen. Na ontbinding van het huwelijk is bij beschikking van de rechtbank kinderalimentatie vastgesteld. De vrouw verzocht in 2008 om wijziging van deze alimentatie. De rechtbank wijzigde de alimentatie gedeeltelijk. In hoger beroep verklaarde het hof de vrouw niet-ontvankelijk omdat zij niet om wijziging van een tussen partijen geldende overeenkomst had verzocht.
De vrouw stelde cassatie in tegen deze beslissing. De Hoge Raad overwoog dat de rechtbank impliciet ontvankelijkheid had vastgesteld en dat de man hiertegen geen grieven had gericht. Omdat de ontvankelijkheidsvraag niet in hoger beroep aan de orde was gesteld, trad het hof buiten de grenzen van de rechtsstrijd door de vrouw niet-ontvankelijk te verklaren.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak naar een ander gerechtshof voor verdere behandeling en beslissing. De overige onderdelen behoeven geen behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak naar een ander gerechtshof voor verdere behandeling.