ECLI:NL:HR:2010:BO3554
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling in het kader van de WSNP
Verzoeker heeft cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 30 juli 2010, waarin het hof een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) heeft beoordeeld.
De kern van het geschil betrof de vraag of verzoeker te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan of het onbetaald laten van zijn schulden zoals bedoeld in artikel 288 lid Pro 1, aanhef en onder b, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). De rechtbank Amsterdam had eerder op 8 juni 2010 uitspraak gedaan in deze zaak.
De Hoge Raad heeft de klachten van verzoeker onderzocht maar geoordeeld dat deze niet leiden tot cassatie, mede omdat de klachten geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal tot verwerping van het cassatieberoep is gevolgd.
Het arrest is op 24 december 2010 gewezen door de Hoge Raad, waarbij de raadsheren A. Hammerstein, F.B. Bakels en W.D.H. Asser het arrest hebben vastgesteld en raadsheer E.J. Numann het arrest in het openbaar heeft uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het gerechtshof Amsterdam.