ECLI:NL:HR:2010:BO1820
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Waarschuwingsplicht bank bij vermogensbeheer volgens Premselaar-methode en eigen schuld
Deze zaak betreft een geschil tussen Noordnederlands Effektenkantoor B.V. (NNEK) en een particuliere wederpartij over de toepassing van de Premselaar-methode bij vermogensbeheer. De centrale vraag was of de bank haar bijzondere zorgplicht had geschonden door onvoldoende te waarschuwen voor de specifieke risico's verbonden aan deze methode.
De procedure begon bij de rechtbank Amsterdam en werd voortgezet bij het gerechtshof Amsterdam, dat op 30 september 2008 een arrest uitvaardigde dat in cassatie werd aangevochten. Zowel NNEK als de wederpartij stelden cassatieberoep in, waarbij beide partijen hun standpunten toelichtten. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van beide beroepen.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, aangezien geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. Het arrest bevestigt daarmee de eerdere uitspraken over de waarschuwingsplicht van de bank en de toepassing van artikel 6:101 BW Pro inzake eigen schuld.
De Hoge Raad veroordeelde beide partijen in de kosten van het cassatiegeding en sprak het arrest uit op 17 december 2010.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de waarschuwingsplicht van de bank en de toepassing van eigen schuld.