ECLI:NL:HR:2010:BO1713
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.M.E. Thomassen
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende motivering opzet bezit kinderporno
In deze zaak stond verdachte terecht voor het bezit van een beeldbestand met een afbeelding van seksuele gedragingen van een minderjarige van 15 à 16 jaar. Het Gerechtshof te 's-Gravenhage had verdachte onder meer veroordeeld voor het bezit van deze afbeelding in de periode van 6 april 2006 tot en met 29 januari 2007.
De bewezenverklaring was gebaseerd op verklaringen van verdachte, proces-verbalen van politie en het onderzoek van de in beslag genomen laptop waarop de betreffende filmfile was aangetroffen. Verdachte gaf aan veel porno te hebben gedownload, maar ontkende bewust kinderporno te hebben gedownload.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de gebruikte bewijsmiddelen niet kon worden afgeleid dat het opzet van verdachte, ook niet in voorwaardelijke zin, gericht was op het bezit van de bewezenverklaarde afbeelding. De motivering van het hof voldeed daarom niet aan de wettelijke eisen. De Hoge Raad vernietigde het arrest voor zover het de bewezenverklaring betrof en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling en afdoening.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van het opzet en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.