ECLI:NL:HR:2010:BN9289
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering bewijsvoering valsheid in geschrift en oplichting
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep tegen het arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 28 november 2008, waarin verdachte werd veroordeeld voor valsheid in geschrift en oplichting. Het hof had vastgesteld dat verdachte in de periode 2004-2006 valse facturen had opgemaakt en gebruikt om zich wederrechtelijk te bevoordelen, onder meer door het verzenden van een frauduleuze e-mail.
De bewijsmiddelen bestonden uit onder meer proces-verbalen, facturen, e-mailcorrespondentie, digitale bestanden gevonden op de computer van verdachte, en bankafschriften. Uit onderzoek bleek dat verdachte als enige toegang had tot de digitale bestanden met de valse facturen en dat hij deze had geparafeerd voor betaling. Ook was vastgesteld dat de facturen valselijk waren opgesteld met valse gegevens en dat betalingen waren verricht aan een rekening die op naam stond van een niet-bestaande stichting.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het arrest van het hof niet voldeed aan de vereisten van artikel 359, derde lid, Sv, omdat van een aantal gebruikte bewijsmiddelen niet de inhoud was weergegeven. Zonder deze inhoud kon de bewezenverklaring niet worden afgeleid uit de overige bewijsmiddelen. Daarom werd het middel gegrond verklaard, het arrest vernietigd voor zover het betrekking had op de bewezenverklaring, strafoplegging en toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, en de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Het arrest van het Gerechtshof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.