ECLI:NL:HR:2010:BN2325
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Toepassing meerderjarigenstrafrecht op jeugdige verdachte onterecht
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor meerdere feiten, waaronder bedreiging, die hij pleegde toen hij nog geen zestien jaar was. Het hof paste ten onrechte het meerderjarigenstrafrecht toe op deze feiten, terwijl volgens art. 77b Sr dit alleen onder strikte voorwaarden mogelijk is. De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege overschrijding van de redelijke termijn, mede met verwijzing naar de Aanwijzing effectieve afdoening strafzaken jeugdigen, maar dit verweer werd door het hof en de Hoge Raad verworpen.
De Hoge Raad bevestigde dat de Aanwijzing geen rechtsregel is die jegens de verdachte kan worden toegepast en vernietigde het arrest van het hof uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en afdoening van de strafoplegging, waarbij het meerderjarigenstrafrecht niet onterecht mag worden toegepast.
De Hoge Raad oordeelde verder dat geen aanleiding was om het arrest ambtshalve te vernietigen voor andere onderdelen en verwierp het beroep voor het overige. Dit arrest benadrukt de strikte toepassing van art. 77b Sr bij jeugdige verdachten en bevestigt de niet-rechtskracht van interne aanwijzingen zoals de Aanwijzing effectieve afdoening strafzaken jeugdigen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor zover het meerderjarigenstrafrecht werd toegepast op feiten gepleegd door een minderjarige en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting.