ECLI:NL:HR:2010:BN0378

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 juli 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/04879
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 351 lid 5 Faillissementswet
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring wegens overschrijding cassatietermijn in faillissementszaak

In deze cassatieprocedure betrof het een beroep tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 25 november 2009 in een faillissementszaak. Verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen dit arrest. Volgens artikel 351 lid 5 van Pro de Faillissementswet moet het cassatieberoep binnen acht dagen na de uitspraak van het arrest worden ingesteld.

De cassatietermijn verliep op 3 december 2009, maar het verzoekschrift werd pas op 4 december 2009 ingediend bij de griffie van de Hoge Raad. Hierdoor was het cassatieberoep niet tijdig ingediend. De Advocaat-Generaal had geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker.

De Hoge Raad bevestigde deze conclusie en verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep. Dit betekent dat de Hoge Raad niet inhoudelijk op de zaak is ingegaan vanwege het niet naleven van de termijn.

Het arrest werd gewezen door de raadsheren Van Buchem-Spapens (voorzitter), Van Schendel, Streefkerk en in het openbaar uitgesproken door Numann op 9 juli 2010.

Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de cassatietermijn.

Uitspraak

9 juli 2010
Eerste Kamer
09/04879
EV/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen.
Verzoeker tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 08/105 R - 09/142 F van de rechtbank Roermond van 10 juni 2009,
b. de arresten in de zaak HV 200.035.149/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 30 september 2009 en 25 november 2009.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 25 november 2009 heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoeker] in zijn cassatieberoep.
3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Ingevolge art. 351 lid Pro 5 F. kon tegen het arrest van 25 november 2009 beroep in cassatie worden ingesteld binnen acht dagen, te rekenen van de dag van de uitspraak. De cassatietermijn in het onderhavige geval verstreek op 3 december 2009. Het verzoekschrift is op 4 december 2009 ter griffie van de Hoge Raad ingekomen, zodat het cassatieberoep te laat is ingesteld. Verzoeker zal derhalve in zijn verzoek niet-ontvankelijk worden verklaard.
4. Beslissing
De Hoge Raad verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 9 juli 2010.