ECLI:NL:HR:2010:BM4309
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens onbetrouwbare geuridentificatieproef bij diefstal
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een onherroepelijk arrest waarin de aanvrager werd veroordeeld voor diefstal door braak in een viswinkel in Almere. Het verzoek was gebaseerd op de onregelmatigheden bij de uitvoering van een geuridentificatieproef door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland, waarvan het openbaar ministerie eerder had erkend dat deze mogelijk onjuist was uitgevoerd.
De Hoge Raad overwoog dat geuridentificatieproeven in de betreffende periode als onbetrouwbaar moesten worden beschouwd indien de hondengeleider op de hoogte was van de sorteervolgorde, wat het geval was. Dit kan een grond voor herziening vormen als het tot vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging zou leiden.
In deze zaak stelde de Hoge Raad echter vast dat het hof de veroordeling niet uitsluitend op de geurproef baseerde, maar ook op andere bewijsmiddelen zoals aangiften en verklaringen van getuigen. Hierdoor was er geen ernstig vermoeden dat de aanvrager zonder de geurproef vrijgesproken zou zijn.
Daarom werd het herzieningsverzoek ongegrond verklaard en afgewezen. Het arrest werd uitgesproken door de strafkamer van de Hoge Raad op 13 juli 2010.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek wordt afgewezen omdat het hof ook zonder de geuridentificatieproef voldoende bewijs had voor veroordeling.