ECLI:NL:HR:2010:BL7676
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Vermindering van de betalingsverplichting wegens overschrijding redelijke termijn bij profijtontneming
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage inzake een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De betrokkene had beroep ingesteld tegen de hoogte van het opgelegde bedrag.
De Advocaat-Generaal concludeerde tot vernietiging van het bestreden arrest en terugwijzing naar het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro in hoger beroep in aanzienlijke mate was overschreden. Tevens was meer dan twee jaar verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep.
Om doelmatigheidsredenen besloot de Hoge Raad de zaak zelf af te doen en de betalingsverplichting te verminderen van €22.000 naar €20.000. Het beroep werd voor het overige verworpen. De Hoge Raad vernietigde het bestreden arrest uitsluitend voor zover het bedrag betreft en bevestigde de rest van de uitspraak.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de betalingsverplichting tot €20.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn.