ECLI:NL:HR:2010:BL5540
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep behandeld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. De Advocaat-Generaal stelde cassatie voor met betrekking tot de hoogte van de opgelegde straf en concludeerde tot vermindering van de straf. De raadsman van de verdachte heeft het beroep tegengesproken.
De Hoge Raad oordeelt dat het middel van cassatie niet tot vernietiging kan leiden omdat het geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevat. Wel constateert de Hoge Raad dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro is overschreden, aangezien meer dan twee jaar zijn verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep.
Op grond hiervan vermindert de Hoge Raad ambtshalve de aan de verdachte opgelegde gevangenisstraf met twee jaar. De rest van het beroep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt slechts vernietigd voor zover het de strafduur betreft. De uitspraak is gedaan door de vice-president en twee raadsheren op 13 april 2010.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd met twee jaar wegens overschrijding van de redelijke termijn.