ECLI:NL:HR:2010:BL4082
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring van staatsgarantie wegens verboden staatssteun en prejudiciële vraag HvJEU
De zaak betreft een geschil tussen Residex Capital IV C.V. en de Gemeente Rotterdam over een garantie die de gemeente had verstrekt voor een lening aan Aerospace, een dochtermaatschappij van RDM Aerospace. Residex had een lening verstrekt aan Aerospace, gedekt door deze garantie, maar de gemeente weigerde betaling toen Aerospace in gebreke bleef.
Residex vorderde betaling op grond van de garantie, terwijl de gemeente stelde dat de garantie nietig was wegens strijd met het verbod op staatssteun volgens het EG-Verdrag (art. 87 en Pro 88 EG, thans art. 107 en Pro 108 VWEU) en de Wet financiering decentrale overheden. De rechtbank en het hof oordeelden dat de garantie een onrechtmatige staatssteunmaatregel was en daarom nietig.
De Hoge Raad bevestigde dat nationale rechters bevoegd zijn om rechtshandelingen die onrechtmatige staatssteun betreffen nietig te verklaren op grond van art. 3:40 lid 2 BW Pro, ook als dit niet automatisch leidt tot ongedaanmaking van het onderliggende krediet. De Hoge Raad stelde een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over de reikwijdte van deze bevoegdheid bij ongedaanmaking van garanties.
De uitspraak benadrukt dat terugvordering van onrechtmatige steun noodzakelijk is voor het herstel van de concurrentievervalsing en dat nietigverklaring van garanties een passende sanctie kan zijn. De zaak verduidelijkt de verhouding tussen nationaal recht en Europees staatssteunrecht en bevestigt de directe werking van het verbod op onrechtmatige staatssteun.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de garantie nietig wegens verboden staatssteun en legt een prejudiciële vraag voor aan het HvJEU, waarna het geding wordt geschorst.