ECLI:NL:HR:2010:BL0594
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Storting op bankrekening geen betaling door derde en geen aflossing krediet
In deze zaak vorderde ING Bank N.V. betaling van een bedrag van € 334.871,75 van eiseres, welke zij betwistte. De rechtbank Roermond veroordeelde eiseres tot betaling van € 333.011,23, vermeerderd met rente en kosten. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch bekrachtigde dit vonnis in hoger beroep. Eiseres stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De kern van het geschil betrof de kwalificatie van een storting op een bankrekening. Eiseres stelde dat deze storting als betaling door een derde moest worden aangemerkt, wat zou leiden tot aflossing van het openstaande krediet. De Hoge Raad oordeelde echter dat de storting niet als een betaling door een derde kan worden gekwalificeerd. De storting was bedoeld om een verschuldigde koopsom te voldoen en niet om het krediet af te lossen.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van eiseres en veroordeelde haar in de kosten van het geding in cassatie. Het arrest bevestigt de strikte interpretatie van artikel 6:30 BW Pro omtrent betaling door een derde en de gevolgen daarvan voor de aflossing van kredieten.
Uitkomst: Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de storting geen betaling door een derde was en het krediet niet werd afgelost.