ECLI:NL:HR:2010:BK8086

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 februari 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/03358
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 44 lid 3 Rv
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieverzoek inzake deskundigenbenoeming en waardebepaling onroerend goed

Verzoekster heeft bij de kantonrechter een verzoek ingediend om drie deskundigen te benoemen die de actuele waarde van een onroerend goed zouden bepalen. Dit verzoek werd door de kantonrechter afgewezen, waarna verzoekster hoger beroep instelde bij het gerechtshof. Het hof bekrachtigde de afwijzing van het verzoek.

Verzoekster stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof. Verweerders verzochten het beroep niet-ontvankelijk te verklaren of te verwerpen. De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekte tot verwerping van het beroep op grond van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering.

De Hoge Raad legde een brief van verzoeksters advocaat terzijde omdat deze te laat was ingediend. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten niet relevant waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom werd het cassatieberoep verworpen en verzoekster werd veroordeeld in de kosten van het geding. De uitspraak werd gedaan door een kamer van raadsheren onder voorzitterschap van A. Hammerstein.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoekster wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het geding.

Uitspraak

19 februari 2010
Eerste Kamer
09/03358
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster],
wonende te [woonplaats], Australië,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerder 2],
3. [Verweerster 3],
4. [Verweerster 4],
allen wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. W.P. den Hertog,
5. [Verweerster 5],
wonende te [woonplaats],
6. [Verweerder 6],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en verweerders in cassatie onder 1 tot en met 4 als [verweerders 1 t/m 4] en verweerders in cassatie onder 5 en 6 als [verweerders 5 en 6]
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 12 februari 2008 ter griffie van de kantonrechter bij de rechtbank Amsterdam ingekomen verzoekschrift heeft [verzoekster] zich gewend tot de kantonrechter en verzocht, kort gezegd, drie deskundigen te benoemen aan wie wordt opgedragen de actuele waarde van het pand [a-straat 1] te [plaats] te bepalen.
[Verweerders 1 t/m 4] en [verweerders 5 en 6] hebben de vordering bestreden.
De kantonrechter heeft bij beschikking van 3 juni 2008 het verzoek afgewezen.
Tegen deze beschikking heeft [verzoekster] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. [Verweerders 1 t/m 4] hebben incidenteel appel ingesteld.
Bij beschikking van 26 mei 2009 heeft het hof, in principaal en incidenteel appel, de beschikking van de kantonrechter bekrachtigd en het meer of anders verzochte afgewezen.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerders 1 t/m 4] hebben verzocht het beroep niet-ontvankelijk te verklaren dan wel te verwerpen.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO Pro.
De advocaat van [verzoekster] heeft op die op 31 december 2009 gedateerde en aan partijen toegezonden conclusie gereageerd bij brief van 22 januari 2010. Nu deze reactie meer dan twee weken nadat de conclusie aan partijen was verzonden, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv Pro., bij de Hoge Raad is ingekomen, heeft de Hoge Raad deze brief terzijde gelegd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoekster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders 1 t/m 4] begroot op € 345,38 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, en aan de zijde van [verweerders 5 en 6] begroot op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.A.M. van Schendel op 19 februari 2010.