ECLI:NL:HR:2009:BJ8651
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling bij poging tot diefstal
De Hoge Raad heeft op 17 november 2009 uitspraak gedaan in een zaak waarin herziening werd gevraagd van een vonnis van de politierechter te Arnhem uit 2003. De aanvrager was veroordeeld wegens poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf was verkregen door braak. De straf bestond uit een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand met een proeftijd van twee jaar, een werkstraf van zestig uur en subsidiair dertig dagen hechtenis.
De aanvraag tot herziening was gebaseerd op de stelling dat sprake was van persoonsverwisseling, een grond genoemd in artikel 457, eerste lid, aanhef en onder 2°, van het Wetboek van Strafvordering. De Procureur-Generaal concludeerde dat de aanvraag gegrond was en adviseerde opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis en verwijzing van de zaak naar het gerechtshof te Arnhem voor herbehandeling.
De Hoge Raad volgde dit advies en verklaarde de aanvraag tot herziening gegrond. De zaak werd verwezen naar het gerechtshof om opnieuw te worden behandeld en afgedaan conform artikel 467, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. Hiermee werd de eerdere veroordeling opgeheven en de procedure hervat op basis van de nieuwe inzichten.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde behandeling.