ECLI:NL:HR:2009:BJ6549
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens geurproef onbetrouwbaarheid niet aannemelijk
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een vonnis van de Rechtbank Arnhem waarin de aanvrager is veroordeeld voor meerdere vermogensdelicten gepleegd in Zaltbommel tussen oktober 2003 en januari 2004. Het verzoek tot herziening is gebaseerd op een brief van het Arrondissementsparket Arnhem waarin melding wordt gemaakt van mogelijke onregelmatigheden bij geuridentificatieproeven uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland in de periode 1997-2006.
De Hoge Raad stelt vast dat in de zaak van de aanvrager wel een geuridentificatieproef is uitgevoerd, maar dat uit het dossier niet blijkt dat het resultaat van deze proef in de bewijsvoering een rol heeft gespeeld. Bovendien is niet aannemelijk dat zonder de geurproef de rechter tot een vrijspraak zou zijn gekomen. De Hoge Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is geoordeeld dat geurproeven uit die periode als onbetrouwbaar moeten worden beschouwd, tenzij concrete aanwijzingen het tegendeel bewijzen.
De Hoge Raad concludeert dat de aanvrager niet heeft voldaan aan de voorwaarden voor herziening op grond van artikel 457 Sv Pro, omdat geen ernstig vermoeden bestaat dat de onregelmatigheden bij de geurproef tot een andere uitkomst van de zaak hadden geleid. Het verzoek tot herziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af wegens ontbreken van ernstig vermoeden dat de onregelmatige geurproef tot vrijspraak had geleid.