ECLI:NL:HR:2009:BH8596
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens overschrijding redelijke termijn zonder gevolgen
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch uit 2007. De Hoge Raad beoordeelt de middelen van cassatie en constateert dat het eerste middel niet ontvankelijk is omdat het niet voldoet aan de wettelijke eisen voor een middel van cassatie.
De overige middelen zijn eveneens niet ontvankelijk en leiden niet tot cassatie, zodat deze zonder nadere motivering worden verworpen. De Hoge Raad constateert dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro is overschreden, aangezien meer dan twee jaar zijn verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep.
Gezien de aard van de opgelegde voorwaardelijke geldboete van €240,- en de mate van termijnoverschrijding, ziet de Hoge Raad geen aanleiding om hieraan rechtsgevolgen te verbinden. Het beroep wordt derhalve verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de redelijke termijnoverschrijding blijft zonder rechtsgevolg.