ECLI:NL:HR:2009:BH5458
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Beoordeling limitering partneralimentatie na scheiding en overgangsrecht
De zaak betreft een geschil tussen voormalige echtelieden over de beperking van partneralimentatie na scheiding, waarbij de man verzocht de alimentatieverplichting te beëindigen of te verminderen vanaf 3 oktober 2005. De rechtbank wees dit verzoek af, maar stelde een afbouwschema vast met een einddatum van 27 februari 2010 zonder verlengingsmogelijkheid.
De vrouw stelde hoger beroep in, en het hof vernietigde de beschikking van de rechtbank, wees het verzoek van de man alsnog af en stelde de alimentatietermijn vast tot 3 oktober 2017 met mogelijkheid tot verlenging. De man stelde vervolgens cassatieberoep in tegen deze verbeterde beschikking.
De Hoge Raad oordeelde dat de in cassatie aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het oordeel van het hof stand hield.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de termijn en verlengingsmogelijkheid van de partneralimentatie zoals vastgesteld door het hof.