ECLI:NL:HR:2009:BH5410
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omvang inkomensschade na ongeval bij WAM-verzekering
In deze zaak stond de omvang van de inkomensschade die eiser sinds 1 januari 1999 als gevolg van een ongeval heeft geleden centraal. Na eerdere procedures en verwijzingen door de Hoge Raad, oordeelde het hof dat de door AXA gestelde feiten over betaald werk van eiser na het ongeval niet waren komen vast te staan. AXA voerde aan dat eiser ondanks zijn arbeidsongeschiktheidsverklaring werkzaamheden verrichtte, maar dit werd door het hof verworpen.
De Hoge Raad heeft in dit arrest bevestigd dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de arbeidsongeschiktheidsverklaring niet beslissend was voor de beoordeling van het verweer van AXA. Tevens is bevestigd dat de rechter bij de schadebegroting de vrijheid heeft om af te wijken van de gewone regels van stelplicht en bewijslast, maar dat dit niet betekent dat deze regels niet toegepast mogen worden bij geschillen over feiten die relevant zijn voor de schadeomvang.
Verder is vastgesteld dat het causaal verband tussen het ongeval en de schade van eiser volgens de omkeringsregel vaststaat, maar dat dit vermoeden zich niet uitstrekt tot de omvang van de schade, die eiser moet aantonen of aannemelijk maken. Het cassatiemiddel van AXA faalt dan ook, en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van AXA wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof bevestigd.