ECLI:NL:HR:2009:BH0381
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt partneralimentatie regeling na echtscheiding
De vrouw verzocht bij de rechtbank Groningen om echtscheiding en boedelscheiding tussen haar en de man uit te spreken. De man verzocht vervolgens om een bijdrage in zijn levensonderhoud door de vrouw. De rechtbank stelde de partneralimentatie vast op €524 per maand met ingang van mei 2006.
De vrouw ging in hoger beroep tegen deze alimentatie, terwijl de man incidenteel hoger beroep instelde om de alimentatie te verhogen naar €820 per maand. Het hof verklaarde het incidentele beroep van de man tegen de echtscheidingsbeschikking niet-ontvankelijk, vernietigde de alimentatiebeschikking en stelde nieuwe bedragen vast die afliepen tot nihil in januari 2008.
De man stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het hof. De vrouw diende geen verweerschrift in. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de man niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep, waarmee de alimentatiebeschikking van het hof in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de partneralimentatie zoals vastgesteld door het hof.