ECLI:NL:HR:2009:BG9917
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A. Hammerstein
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Verlenging partneralimentatie na tweede huwelijk en uitleg echtscheidingsconvenant
De zaak betreft een geschil over de verlenging van de partneralimentatie na het tweede huwelijk van partijen. De vrouw verzocht om verlenging van de alimentatieverplichting van de man met ruim acht jaar, terwijl de rechtbank een verlenging van vijf jaar toekende. Het hof stelde de alimentatieverplichting vast voor vijf jaar met mogelijkheid tot verlenging, maar wees het primaire standpunt van de vrouw af dat de duur van het eerste huwelijk volledig meetelt als herleving van het huwelijk.
De Hoge Raad bevestigde dat de duur van het eerste huwelijk meetelt bij de bepaling van de alimentatieduur volgens art. 1:166 BW Pro in verbinding met art. 1:157 lid 6 BW Pro. De passage in het echtscheidingsconvenant die de alimentatieduur beperkt tot het tweede huwelijk werd niet als bindende vaststellingsovereenkomst erkend. Tevens oordeelde de Hoge Raad dat in alimentatieprocedures een uitzondering geldt op de regel dat incidentele grieven tijdig moeten worden ingebracht, vanwege het belang van een juiste en volledige beoordeling.
De Hoge Raad verwierp het principale cassatieberoep van de man, vernietigde het hofarrest en verwees de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling. Hiermee werd bevestigd dat de alimentatieverplichting in dit geval niet beperkt kan worden tot de duur van het tweede huwelijk alleen, maar dat de duur van het eerste huwelijk ook moet worden betrokken bij de berekening van de alimentatieduur.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling waarbij de duur van het eerste huwelijk moet worden meegeteld bij de alimentatieduur.