ECLI:NL:HR:2009:BG7752
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Spinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onjuiste maatstaf bij weigering getuigenverhoor
In deze zaak stond het verzoek centraal om een getuige te horen die weliswaar was verschenen, maar door het hof niet werd gehoord omdat het hof oordeelde dat het niet noodzakelijk was. De verdediging wilde deze getuige horen om de betrouwbaarheid van een andere getuige te toetsen. Het hof wees dit verzoek af met de motivering dat de getuige niet ter plaatse was geweest en niets uit eigen wetenschap kon verklaren.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof een onjuiste maatstaf had toegepast. Volgens artikel 287 en Pro 288 Sv kan van het horen van een ter terechtzitting verschenen getuige slechts worden afgezien indien redelijkerwijs valt aan te nemen dat de verdachte daardoor niet in zijn verdediging wordt geschaad. Het hof had ten onrechte geoordeeld dat het horen van de getuige niet noodzakelijk was, terwijl het hier ging om de verdediging van de verdachte.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het hof Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, voor een nieuwe behandeling van het hoger beroep. Hiermee werd het belang van het recht op een eerlijk proces en het horen van relevante getuigen benadrukt.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.