ECLI:NL:HR:2009:BG6602
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vermindering geldboete wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
In deze strafzaak heeft de verdachte cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest uitsluitend ten aanzien van de strafoplegging en tot verwerping van het beroep voor het overige.
Het middel van de verdachte betrof onder meer de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, omdat de stukken te laat door het hof waren ingezonden. De Hoge Raad oordeelde dat de overschrijding terecht was vastgesteld en dat dit niet tot niet-ontvankelijkverklaring van het Openbaar Ministerie leidde, maar wel tot strafvermindering.
De Hoge Raad vernietigde daarom het deel van het arrest dat de straf betrof, verminderde de geldboete van € 2.114,- naar € 1.900,-, met subsidiaire hechtenis van 29 dagen, en verwierp het beroep voor het overige. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer op 12 mei 2009.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de geldboete tot € 1.900,- met subsidiaire hechtenis van 29 dagen wegens overschrijding van de redelijke termijn.