ECLI:NL:HR:2008:BD6402
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens ziekte stoornis verdachte niet onbegrijpelijk vastgesteld
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin is vastgesteld dat verdachte ten tijde van het begaan van het feit leed aan een ziekelijke stoornis. De verdachte, gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Zuid-West, locatie Dordtse Poorten, heeft via zijn advocaat cassatie ingesteld tegen dit oordeel.
De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad heeft overwogen dat de toetsing van de vaststelling van een ziekelijke stoornis in cassatie beperkt is tot begrijpelijkheid. Het hof heeft dit oordeel kunnen aannemen en het middel van cassatie leidt niet tot een nadere beantwoording van rechtsvragen.
Daarom is het cassatieberoep verworpen en is het arrest van het hof in stand gebleven. De Hoge Raad zag geen reden om ambtshalve tot vernietiging over te gaan. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de strafkamer op 7 oktober 2008.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen omdat het hof terecht heeft geoordeeld dat verdachte leed aan een ziekelijke stoornis ten tijde van het feit.