ECLI:NL:HR:2008:BD3432
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens onregelmatige geuridentificatieproef bij diefstal uit auto
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een arrest van het Gerechtshof Arnhem waarin de aanvrager is veroordeeld voor diefstal uit een auto met gebruik van een valse sleutel. De herzieningsaanvraag is gebaseerd op de stelling dat de geuridentificatieproef, die onregelmatig is uitgevoerd, onbetrouwbaar is en dat zonder dit bewijs de aanvrager niet veroordeeld zou zijn.
De Hoge Raad overweegt dat geuridentificatieproeven uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland in de periode september 1997 tot maart 2006 in strijd met het protocol zijn uitgevoerd, waardoor het resultaat niet als betrouwbaar bewijs kan gelden. Dit kan een grond voor herziening zijn indien zonder dit bewijs geen bewezenverklaring mogelijk zou zijn.
In deze zaak concludeert de Hoge Raad echter dat ook zonder het resultaat van de geuridentificatieproef uit het overige bewijsmateriaal, zoals het proces-verbaal van de politie, de herkenning van de gestolen goederen door de benadeelde partij en het feit dat de verdachte werd betrapt op heterdaad, redelijkerwijs kan worden afgeleid dat de aanvrager zich schuldig heeft gemaakt aan de diefstal. Er is daarom geen ernstig vermoeden dat het hof de aanvrager zou hebben vrijgesproken of een lichtere straf zou hebben opgelegd.
De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af en bevestigt daarmee het eerdere arrest van het hof. De straf van zes weken gevangenisstraf en de betaling aan de benadeelde partij blijven in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af en bevestigt de veroordeling voor diefstal.