ECLI:NL:HR:2008:BD0135

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 mei 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/11280
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevoegdheid tot vorderen rekening en verantwoording van bewindvoerder onderbewindstelling

In deze zaak heeft de moeder van verzoekster de rechtbank verzocht om de ontslag van de bewindvoerder van haar persoon en de benoeming van een nieuwe bewindvoerder. Verzoekster maakte bezwaar tegen deze benoeming en vroeg om rekening en verantwoording van de voormalige bewindvoerder. De kantonrechter verleende het ontslag en benoemde een nieuwe bewindvoerder. Verzoekster stelde hoger beroep in om alsnog rekening en verantwoording te verkrijgen, maar het hof verklaarde haar niet ontvankelijk.

Verzoekster stelde vervolgens beroep in cassatie tegen deze beslissing. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de beslissing van het hof dat verzoekster niet ontvankelijk is in haar hoger beroep om rekening en verantwoording van de bewindvoerder te vorderen.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep.

Uitspraak

30 mei 2008
Eerste Kamer
Nr. 07/11280
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. R. Menschaert,
t e g e n
[Verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en [verweerder].
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 7 juni 2006 ter griffie van de rechtbank Amsterdam, sector kanton, locatie Hilversum ingediend verzoekschrift heeft [betrokkene 1], de moeder van [verzoekster], zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, om aan [verweerder] ontslag als bewindvoerder van [betrokkene 1] te verlenen en tot aanstelling van [betrokkene 2] als nieuwe bewindvoerder.
[Verweerder] heeft het verzoek niet bestreden. [Verzoekster] heeft middels een fax-brief dd. 13 juli 2006 haar mening kenbaar gemaakt en onder andere verzocht om [verweerder] rekening en verantwoording af te laten leggen en bezwaar gemaakt tegen de benoeming van [betrokkene 2].
De kantonrechter heeft bij beschikking van 28 juli 2006 [verweerder] als bewindvoerder ontslagen en [A] B.V. benoemd tot bewindvoerder.
Tegen deze beschikking heeft [verzoekster] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam opdat [verweerder] alsnog rekening en verantwoording aflegd over alle goederen van de [betrokkene 1].
Bij beschikking van 11 juni 2007 heeft het hof [verzoekster] niet ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 30 mei 2008.