ECLI:NL:HR:2008:BD0135
Hoge Raad
- Cassatie
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot vorderen rekening en verantwoording van bewindvoerder onderbewindstelling
In deze zaak heeft de moeder van verzoekster de rechtbank verzocht om de ontslag van de bewindvoerder van haar persoon en de benoeming van een nieuwe bewindvoerder. Verzoekster maakte bezwaar tegen deze benoeming en vroeg om rekening en verantwoording van de voormalige bewindvoerder. De kantonrechter verleende het ontslag en benoemde een nieuwe bewindvoerder. Verzoekster stelde hoger beroep in om alsnog rekening en verantwoording te verkrijgen, maar het hof verklaarde haar niet ontvankelijk.
Verzoekster stelde vervolgens beroep in cassatie tegen deze beslissing. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de beslissing van het hof dat verzoekster niet ontvankelijk is in haar hoger beroep om rekening en verantwoording van de bewindvoerder te vorderen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep.