ECLI:NL:HR:2008:BC9416
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens bekende tegenstrijdige getuigenverklaringen
De aanvrager vroeg herziening van een vonnis van de Rechtbank te Leeuwarden waarin hij was veroordeeld voor bedreiging, mishandeling, belediging van een ambtenaar en handelen in strijd met de Wet wapens en munitie. De rechtbank had hem veroordeeld tot gevangenisstraffen variërend van twee weken tot zeven maanden.
De herzieningsaanvraag berustte op de stelling dat de politieambtenaren die als getuigen waren gehoord tegenstrijdige verklaringen hadden afgelegd, wat volgens de aanvrager meinedig was. De Hoge Raad overwoog dat dergelijke tegenstrijdigheden niet onbekend waren bij de rechtbank die het vonnis had uitgesproken.
Omdat de vermeende nieuwe feiten niet nieuw waren en geen aanleiding gaven tot vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging, werd de aanvraag tot herziening als kennelijk ongegrond afgewezen. De Hoge Raad bevestigde hiermee het eerdere vonnis en de strafoplegging.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af wegens kennelijke ongegrondheid.