ECLI:NL:HR:2008:BC9376
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Herziening van veroordelingen wegens persoonsverwisseling en onjuiste toepassing Opiumwet
De Hoge Raad heeft op 15 april 2008 een arrest gewezen waarin de aanvrage tot herziening van twee in kracht van gewijsde gegane vonnissen werd behandeld. De eerste vonnissen betroffen veroordelingen door de politierechter in Amsterdam en Haarlem voor overtredingen van de Opiumwet en valsheid in reisdocumenten. De aanvrage werd ingediend namens de verdachte, die stelde dat sprake was van persoonsverwisseling, een omstandigheid die herziening rechtvaardigt volgens artikel 457, eerste lid, aanhef en onder 2°, Sv.
De Advocaat-Generaal concludeerde dat er een ernstig vermoeden bestaat dat de politierechters, indien zij bekend waren geweest met de nieuwe omstandigheden, de verdachte zouden hebben vrijgesproken. De Hoge Raad volgde deze conclusie en verklaarde de aanvrage gegrond. Tevens werd, voor zover nodig, de opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van de vonnissen bevolen.
De Hoge Raad verwees de zaken naar het Gerechtshof te Amsterdam, zodat deze op grond van artikel 467, eerste lid, Sv opnieuw kunnen worden behandeld en afgedaan. Hiermee wordt de mogelijkheid geboden om de eerdere veroordelingen te herzien op basis van de nieuwe feiten die wijzen op persoonsverwisseling.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvrage tot herziening gegrond en verwijst de zaken naar het Gerechtshof Amsterdam voor hernieuwde behandeling.