ECLI:NL:HR:2008:BC7429
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- J.C. van Oven
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over bewijslast bij uitputting merkrecht in selectief distributiesysteem
Lancaster c.s., houders en licentiehouders van merkrechten voor cosmetica, startten een inbreukprocedure tegen een exploitant van een internetwinkel die producten onder hun merken verkocht zonder deel uit te maken van hun selectieve distributiesysteem.
De rechtbank en het hof wezen de vorderingen van Lancaster c.s. af, waarbij het hof oordeelde dat Lancaster c.s. de bewijslast droeg dat de betwiste producten door of met hun toestemming buiten de Europese Economische Ruimte (EER) in de handel waren gebracht.
De Hoge Raad vernietigt dit arrest omdat het hof ten onrechte de bewijslast bij Lancaster c.s. legde zonder vast te stellen dat er een reëel gevaar bestond dat nationale markten worden afgeschermd. De Hoge Raad verduidelijkt dat in beginsel degene die zich op uitputting beroept, moet bewijzen dat de producten binnen de EER in de handel zijn gebracht, maar dat bij een exclusief distributiesysteem de merkhouder moet aantonen dat de producten buiten de EER zijn gebracht.
De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof te Arnhem voor verdere behandeling en beslissing. De Hoge Raad veroordeelt de wederpartij in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling met een aangepaste bewijslastverdeling.