ECLI:NL:HR:2008:BC4841

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 april 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
C06/301HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad over totstandkoming overeenkomst en grenzen van rechtsstrijd in civiele zaak

In deze civiele procedure vordert Kubra B.V. betaling van een bedrag van ƒ 30.955,79 van Benelux Neon Lichtreclame B.V., terwijl Benelux Neon een tegenvordering instelt van € 217.268,--. De rechtbank wijst de vordering van Kubra toe en wijst de reconventionele vordering af. Benelux Neon gaat in hoger beroep bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.

Het hof laat Benelux Neon toe te bewijzen dat op 13 april 2001 een perfecte overeenkomst is gesloten met betrekking tot letters en schalen. Na getuigenverhoren wordt verdere beslissing aangehouden. Benelux Neon verzoekt het hof de uitspraak vatbaar te maken voor tussentijds cassatieberoep, hetgeen wordt toegestaan.

De Hoge Raad beoordeelt het cassatieberoep van Benelux Neon en het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep van Kubra. De klachten van Benelux Neon leiden niet tot cassatie, zodat het incidentele beroep niet aan de orde komt. De Hoge Raad bevestigt de rechtspraak omtrent de totstandkoming van overeenkomsten en de grenzen van de rechtsstrijd en veroordeelt Benelux Neon in de kosten van het geding in cassatie.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Benelux Neon en bevestigt het arrest van het hof.

Uitspraak

4 april 2008
Eerste Kamer
Nr. C06/301HR
RM/AG
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
BENELUX NEON LICHTRECLAME B.V.,
gevestigd te Nuenen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten,
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,
advocaat: mr. H.J.A. Knijff,
t e g e n
KUBRA B.V.,
gevestigd te Nuenen, gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,
advocaat: aanvankelijk mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai, thans mr. D. Stoutjesdijk.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Benelux Neon en Kubra.
1. Het geding in feitelijke instanties
Kubra heeft bij exploot van 5 november 2001 Benelux Neon gedagvaard voor de rechtbank te 's-Hertogenbosch en gevorderd, kort gezegd, Benelux Neon te veroordelen tot betaling van ƒ 30.955,79, met rente en kosten.
Benelux Neon heeft de vordering bestreden en, in reconventie, gevorderd, kort gezegd, Kubra te veroordelen tot betaling van € 217.268,--, althans een zodanig bedrag als de rechtbank in goede justitie zal vermenen te behoren, met rente en kosten.
Kubra heeft de vordering in reconventie bestreden.
De rechtbank heeft bij vonnis van 18 februari 2004 de vordering in conventie toegewezen, en de vordering in reconventie afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft Benelux Neon hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Bij tussenarrest van 21 juni 2005 heeft het hof Benelux Neon toegelaten te bewijzen dat op 13 april 2001 tussen partijen een perfecte overeenkomst is gesloten met betrekking tot letters en schalen. Na getuigenverhoren heeft het hof bij tussenarrest van 18 juli 2006 Benelux Neon wederom tot bewijs toegelaten en iedere verdere beslissing aangehouden.
Bij brief van 2 oktober 2006 heeft Benelux Neon het hof verzocht de uitspraak van 18 juli 2006 alsnog vatbaar te maken voor tussentijds cassatieberoep. Hierop heeft het hof bij arrest van 31 oktober 2006 bepaald dat tegen het arrest van 18 juli 2006 tussentijds beroep in cassatie kan worden ingesteld.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof van 21 juni 2005 en 18 juli 2006 heeft Benelux Neon beroep in cassatie ingesteld. Kubra heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor Benelux Neon toegelicht door mrs. B. Winters en J.T. van der Kroon, advocaten te Amsterdam, en voor Kubra door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot verwerping van het principale beroep.
De advocaat van Benelux Neon heeft bij brief van 29 februari 2008 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel in het principale beroep
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt Benelux Neon in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Kubra begroot op € 471,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, J.C. van Oven, F.B. Bakels en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 4 april 2008.