ECLI:NL:HR:2008:BC1251

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 februari 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
C06/315HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding huurovereenkomst loods wegens hennepkwekerij geëxploiteerd door zoon huurder

De Gemeente De Ronde Venen vorderde bij de rechtbank Utrecht de ontbinding van de huurovereenkomst met [eiser] voor een loods en de ontruiming daarvan, vanwege de aanwezigheid van een hennepkwekerij die door de zoon van de huurder werd geëxploiteerd. De kantonrechter wees de vordering af, maar het gerechtshof Amsterdam vernietigde dit vonnis en wees de vordering alsnog toe.

De huurder stelde zich te verweren tegen de ontbinding, maar de Hoge Raad verwierp het beroep in cassatie van [eiser]. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat er geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.

De ontbinding van de huurovereenkomst werd bevestigd omdat de aanwezigheid van de hennepkwekerij een gegronde reden vormde voor ontbinding. De strafrechtelijke veroordeling van de zoon van de huurder speelde hierbij een belangrijke rol. De Hoge Raad veroordeelde [eiser] tevens in de proceskosten.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de huurder wordt verworpen en de ontbinding van de huurovereenkomst bevestigd.

Uitspraak

29 februari 2008
Eerste Kamer
Nr. C06/315HR
MK/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
DE GEMEENTE DE RONDE VENEN,
zetelende te Mijdrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. D. Stoutjesdijk.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Gemeente.
1. Het geding in feitelijke instanties
De Gemeente heeft bij exploot van 3 augustus 2004 [eiser] gedagvaard voor de rechtbank Utrecht, sector kanton, en gevorderd, kort gezegd, de tussen partijen bestaande huurovereenkomst te ontbinden en [eiser] te veroordelen om het gehuurde te ontruimen, met kosten.
[Eiser] heeft de vordering bestreden.
De kantonrechter heeft bij vonnis van 22 december 2004 de vordering afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft de Gemeente hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.
Na een tussenarrest van 8 december 2005 te hebben gewezen, heeft het hof bij eindarrest van 20 juli 2006 het vonnis van de rechtbank vernietigd en de vordering van de Gemeente alsnog toegewezen.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 367,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 29 februari 2008.