ECLI:NL:HR:2007:BB6880
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling van omzetbelasting voor bemiddeling in kinderopvang door erkende instellingen
Deze zaak betreft het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem over de vraag of bemiddeling bij kinderopvang vrijgesteld is van omzetbelasting. De Hoge Raad verwijst naar een eerdere prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen die voorwaarden stelde voor deze vrijstelling.
De Hoge Raad stelt vast dat de gastouders waarvoor de belanghebbende bemiddelt, als belastingplichtigen moeten worden aangemerkt en dat zij erkend zijn als instellingen van sociale aard. De bemiddelingsdiensten van belanghebbende zijn van zodanige aard en kwaliteit dat vraagouders zonder deze bemiddeling niet verzekerd zouden zijn van een gelijkwaardige dienst.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat de bemiddelingsdiensten niet primair gericht zijn op het behalen van extra opbrengsten door concurrentie met commerciële ondernemingen die wel omzetbelasting betalen. Gezien het feit dat winststreven volgens het Besluit niet aan de vrijstelling in de weg stond, is deze voorwaarde in het onderhavige tijdvak niet van toepassing.
De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt de Staatssecretaris in de proceskosten. Hiermee wordt bevestigd dat de bemiddeling door de Stichting Kinderopvang Enschede vrijgesteld is van omzetbelasting.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de vrijstelling van omzetbelasting voor de bemiddeling bij kinderopvang.