ECLI:NL:HR:2007:BB5408
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid opzetclausule bij aansprakelijkheidsverzekering ondanks verminderde toerekeningsvatbaarheid
Op 7 september 1998 heeft de echtgenoot van eiseres haar meermalen met een vuisthamer op het hoofd geslagen, wat leidde tot ernstig lichamelijk en psychisch letsel. Hij werd strafrechtelijk veroordeeld voor poging tot doodslag, waarbij een psychiatrisch rapport van het Pieter Baan Centrum stelde dat hij in sterk verminderde mate toerekeningsvatbaar was.
Eiseres vorderde van ABN AMRO, als verzekeraar van haar ex-echtgenoot, schadevergoeding op grond van een aansprakelijkheidsverzekering. ABN AMRO beriep zich op de opzetclausule in de polis, die uitsluit dat schade wordt gedekt indien de verzekerde het letsel opzettelijk heeft toegebracht of zich bewust was van het zekere gevolg van zijn handelen.
De rechtbank verwierp het beroep op de opzetclausule, maar het hof stelde dat opzet aanwezig was, behoudens tegenbewijs door eiseres. Het hof motiveerde dat het gedrag van de verzekerde wijst op bewustzijn van het gevolg van zijn handelen. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst erop dat ook bij verminderde toerekeningsvatbaarheid het bewustzijn van het gevolg kan worden afgeleid uit gedragingen, tenzij tegenbewijs wordt geleverd.
Het beroep van eiseres wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de opzetclausule van toepassing is en verwerpt het beroep van eiseres.