ECLI:NL:HR:2007:BB5383
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens onvoldoende gronden tegen onbetrouwbaarheid slachtofferverklaring
In deze strafzaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin hij werd veroordeeld. Het centrale punt in het cassatieberoep betrof de betrouwbaarheid van de verklaring van het slachtoffer. De verdediging stelde dat deze verklaring zo onbetrouwbaar was dat zij niet als bewijs kon dienen.
De Hoge Raad heeft geoordeeld dat het hof terecht van dit verweer is afgeweken en de verklaring van het slachtoffer tot bewijs heeft gebruikt. De Hoge Raad concludeert dat de overige bewijsmiddelen een afdoende weerlegging vormen van het verweer dat de verklaring onbetrouwbaar zou zijn.
De middelen van cassatie konden geen cassatie leiden en er waren geen gronden voor ambtshalve vernietiging van het arrest. Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het arrest van het hof in stand gelaten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.