ECLI:NL:HR:2007:BB4842
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt taakstraf voor rijden tijdens rijverbod ondanks verweer toepassing art. 9a Sr
De verdachte werd door het hof veroordeeld tot een taakstraf van 20 uur werkstraf wegens het rijden tijdens een opgelegd rijverbod, zoals bedoeld in artikel 162, derde lid, van de Wegenverkeerswet 1994. De verdachte stelde in cassatie dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom niet kon worden volstaan met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, dat een lichtere straf mogelijk maakt.
Het hof oordeelde dat de ernst van het bewezen misdrijf, het wettelijke strafmaximum van drie maanden gevangenisstraf en de aard van de overtreding — het rijden tijdens het rijverbod — een taakstraf rechtvaardigen. Daarbij nam het hof ook in aanmerking dat de verdachte slechts een geringe afstand had afgelegd tijdens het rijverbod.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof voldoende en begrijpelijk had gemotiveerd waarom de opgelegde taakstraf passend was en waarom toepassing van artikel 9a Sr niet volstond. De Hoge Raad verwierp het middel en bevestigde daarmee het arrest van het hof. Het cassatieberoep werd verworpen, en de strafoplegging bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de taakstraf van 20 uur werkstraf wegens rijden tijdens rijverbod en verwerpt het cassatieberoep.