ECLI:NL:HR:2007:BB3318

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 oktober 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
C06/131HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROWet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigenWet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering dekking en aansprakelijkheid onder Landmateriaalverzekering

Eiseres, voorheen genaamd [A] B.V., vorderde van Axa vergoeding van een vijfde deel van de schade die zij moest betalen aan haar werknemer wegens een ongeval op 22 mei 1997. De rechtbank wees de vorderingen af. In hoger beroep wijzigde eiseres haar eis en stelde dat Axa aansprakelijk was op grond van de Landmateriaalverzekering en de Nederlandse Beurspolis Landmateriaal 1991.

Het gerechtshof Amsterdam bevestigde het vonnis van de rechtbank en wees de vorderingen af. Eiseres stelde daarop cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep zonder nadere motivering.

De Hoge Raad veroordeelde eiseres in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee bleef het oordeel van de lagere rechter dat Axa niet aansprakelijk is voor de gevorderde schade ongewijzigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en de vordering tot dekking en aansprakelijkheid wordt afgewezen.

Uitspraak

5 oktober 2007
Eerste Kamer
Nr. C06/131HR
MK/IS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres], voorheen genaamd [A] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand,
t e g e n
AXA SCHADE N.V.,
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. R.S. Meijer.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en Axa.
1. Het geding in feitelijke instanties
[Eiseres] heeft bij exploot van 7 januari 2003 Axa gedagvaard voor de rechtbank Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, Axa te veroordelen tot vergoeding aan [eiseres] van één vijfde deel van al datgene dat [eiseres] aan haar werknemer [betrokkene 1] zal dienen te betalen in verband met het hem op 22 mei 1997 overkomen ongeval en Axa te veroordelen tot vergoeding aan [eiseres] van één vijfde deel van de schade die [eiseres] heeft geleden, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, met rente en kosten.
Axa heeft de vordering bestreden.
De rechtbank heeft bij vonnis van 21 juli 2004 de vorderingen afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. [Eiseres] heeft haar eis in hoger beroep gewijzigd en gevorderd, kort gezegd:
te verklaren voor recht dat Axa voor de schade ter zake van het ongeval dekking dient te verlenen, dan wel aansprakelijk is op grond van de Landmateriaal verzekering met polisnummer [003] en/of de daarop van toepassing verklaarde Nederlandse Beurspolis Landmateriaal 1991 en/of de speciale clausule voor verzekering van landmateriaal L91ND-VT.
Bij arrest van 9 februari 2006 heeft het hof, voorzover in cassatie van belang, het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Axa heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor [eiseres] mede door mr. E.C.M. Hurkens en voor Axa mede door mr. E.M. Tjon-En-Fa, beiden advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Axa begroot op € 367,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, A. Hammerstein en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 5 oktober 2007.