ECLI:NL:HR:2007:BA7643
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- W.D.H. Asser
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Vaststelling omgangsregeling tussen vader en minderjarig kind na beëindiging samenwoning
De zaak betreft een geschil tussen voormalig samenwonende partners over de vaststelling van een omgangsregeling tussen de vader en zijn minderjarige kind. De vader verzocht bij de rechtbank Groningen om vaststelling van een omgangsregeling, welke door de moeder werd bestreden.
De rechtbank stelde bij beschikking van 29 november 2005 een omgangsregeling vast. De moeder ging hiertegen in hoger beroep bij het gerechtshof te Leeuwarden, dat bij beschikking van 11 augustus 2006 de beschikking van de rechtbank vernietigde en zelf een omgangsregeling vaststelde.
De moeder stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, mede gelet op artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de vastgestelde omgangsregeling van het hof in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de vastgestelde omgangsregeling.