ECLI:NL:HR:2007:BA6326
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldboete voor medeplegen illegaal taxivervoer ondanks beroep op draagkracht
De verdachte werd door het hof veroordeeld tot een geldboete van €10.000, subsidiair 200 dagen hechtenis, wegens medeplegen van het verrichten van taxivervoer zonder vergunning in de gemeente Zwolle in november 2002. Het hof oordeelde dat verdachte een sturende en leidende rol had bij de oprichting van een vennootschap die het illegale taxivervoer organiseerde.
Verdachte stelde in cassatie dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de hoge geldboete werd opgelegd, vooral gezien zijn slechte financiële situatie en het feit dat medeplegers lagere boetes kregen. Het hof had echter expliciet overwogen dat het acht had geslagen op de draagkracht van verdachte en concludeerde dat deze draagkracht toereikend was om de boete te voldoen, mede omdat er geen nadere financiële gegevens waren verstrekt.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof niet onbegrijpelijk heeft geoordeeld en dat het cassatiemiddel faalt. De overige middelen konden niet tot cassatie leiden. Het beroep werd dan ook verworpen en de opgelegde geldboete bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de geldboete van €10.000,- voor medeplegen van illegaal taxivervoer.