ECLI:NL:HR:2007:BA4309
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof in aansprakelijkstelling op grond van Invorderingswet 1990
Belanghebbende werd aansprakelijk gesteld door de Ontvanger voor niet-betaalde loonbelasting, premie volksverzekeringen en omzetbelasting over de jaren 1997 en 1998, gerelateerd aan werkzaamheden verricht door personen met Poolse nationaliteit via een vennootschap onder firma (B). Na bezwaar en beroep bij het Hof werd het beroep ongegrond verklaard. Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte het bewijsaanbod van belanghebbende had gepasseerd. Dit bewijsaanbod betrof stellingen dat de Polen als vennoten in B waren ingeschreven en globaal gelijkgerechtigd waren, wat relevant is voor de kwalificatie van hun arbeidsrelatie en de vraag of sprake is van schijnhandelingen.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het Hof en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing met inachtneming van het arrest. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten in cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling met inachtneming van haar arrest.