ECLI:NL:HR:2007:BA2301
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring van herzieningsaanvraag wegens ontbreken einduitspraak veroordeling
De Hoge Raad behandelde een aanvraag tot herziening van een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage uit 1996, waarbij de aanvrager niet-ontvankelijk was verklaard in hoger beroep tegen een verstekvonnis van de kantonrechter. De aanvraag was gericht op herziening van deze beslissing.
De Hoge Raad oordeelde dat het bestreden arrest van het hof geen einduitspraak bevatte die een veroordeling inhield in de zin van artikel 457, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. Hierdoor kon de aanvraag tot herziening niet worden ontvangen en was deze niet-ontvankelijk.
Uiteindelijk verklaarde de Hoge Raad de aanvraag niet-ontvankelijk en wees daarmee de herzieningsverzoek af. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren, en uitgesproken op 20 maart 2007.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag niet-ontvankelijk omdat het bestreden arrest geen einduitspraak met veroordeling inhoudt.